Nederland is van plan om het aantal flitspalen en andere handhaafsystemen flink uit te breiden. Het Openbaar Ministerie (OM) wil het aantal locaties voor geautomatiseerde verkeershandhaving verhogen van ongeveer 650 naar minstens 1.450. Deze uitbreiding is bedoeld om de politie meer ruimte te geven om zich te concentreren op situaties waar hun fysieke aanwezigheid echt nodig is. Marc Pluimers, hoofd Beleid & Strategie van het OM, benadrukt dat door het inzetten van meer geautomatiseerde systemen, de politie effectiever kan worden ingezet. Hoewel er geen strikte einddatum is vastgesteld, moet de uitbreiding in de komende jaren voltooid zijn. Maar hoe verhoudt deze ambitie zich tot wat andere Europese landen doen?

De geplande 1.450 handhaaflocaties in Nederland omvatten niet alleen vaste flitspalen. Het gaat ook om flexibele flitsers, trajectcontroles en focusflitsers die bijvoorbeeld controleren op telefoongebruik tijdens het rijden. Sommige van deze systemen kunnen op verschillende locaties worden ingezet, afhankelijk van de noodzaak en verkeersdrukte. Het is belangrijk om op te merken dat de focusflitsers wel meetellen in de cijfers van het OM, maar niet in de internationale vergelijkingen van snelheidshandhaving.
Vergelijking met Europese landen
Het vergelijken van het aantal flitspalen tussen landen kan ingewikkeld zijn. Dit komt omdat elk land andere criteria en registratiemethoden gebruikt. Voor een eerlijke vergelijking hebben we gebruik gemaakt van de SCDB-database. Deze commerciële database houdt wereldwijd locaties van vaste snelheidscamera’s, roodlichtcamera’s en trajectcontroles bij. De database verzamelt gegevens via navigatiesystemen en kaartsoftware, wat zorgt voor een betrouwbare en actuele bron van informatie.
Uit de gegevens blijkt dat Nederland momenteel beschikt over 912 flitspunten. Dit aantal omvat 321 vaste snelheidscamera’s, 413 gecombineerde roodlicht- en snelheidscamera’s en 178 trajectcontrolepunten. Deze cijfers zijn anders dan de huidige 650 en geplande 1.450 handhaaflocaties van het OM. Dit komt doordat de SCDB-database een andere methode hanteert voor het tellen van flitspunten.
De positie van Nederland in Europa
Wanneer we kijken naar andere Europese landen, zien we dat Italië bovenaan staat wat betreft het aantal flitspunten. Zelfs met de geplande uitbreiding van Nederland zal het Italiaanse netwerk nog steeds ruim zeven keer groter zijn. Het Verenigd Koninkrijk, België en Duitsland hebben ook meer flitspunten in vergelijking met Nederland. Vooral België is opmerkelijk, met volgens dezelfde meetmethoden ruim vijf keer zoveel flitspunten als Nederland. Dit betekent echter niet automatisch dat de kans om gepakt te worden vijf keer groter is. De absolute cijfers zijn niet gecorrigeerd voor factoren zoals de lengte van het wegennet, de oppervlakte van het land of de drukte van het verkeer.

Een nadere blik op Duitsland en het Verenigd Koninkrijk
Duitsland is qua oppervlakte ongeveer vijf keer zo groot als Nederland, wat betekent dat ze meer ruimte hebben om flitspalen te plaatsen. Toch hebben ze niet vijf keer zoveel flitspalen als Nederland. Dit is begrijpelijk gezien de grotere afstanden en lagere bevolkingsdichtheid op veel plekken in Duitsland. Het Verenigd Koninkrijk heeft ook een uitgebreider netwerk van flitspalen dan Nederland. Dit laat zien dat Nederland nog een lange weg te gaan heeft om op gelijke voet te komen met andere grote Europese landen op het gebied van geautomatiseerde verkeershandhaving.
De redenen achter verschillen in flitspalen
Er zijn verschillende redenen waarom landen verschillende aantallen flitspalen hebben. Ten eerste speelt de grootte van het land een rol. Grotere landen hebben meer wegen en dus meer mogelijkheden voor verkeershandhaving. Daarnaast verschilt de verkeersintensiteit per land. In drukker bevolkte landen is de noodzaak voor flitspalen vaak hoger vanwege het grotere aantal voertuigen en de verhoogde kans op verkeersovertredingen.
Daarnaast kunnen culturele en politieke factoren een rol spelen. In sommige landen is er meer publieke steun voor strenge verkeershandhaving, wat kan leiden tot een hoger aantal flitspalen. In andere landen kan er weerstand zijn tegen wat wordt gezien als een te zware handhaving, wat het aantal flitspalen kan beperken.
Ten slotte spelen technologische en economische factoren een rol. Landen met meer middelen kunnen makkelijker investeren in geavanceerde handhaaftechnologieën. Bijvoorbeeld flitspalen die meerdere overtredingen tegelijk kunnen registreren of systemen die online met elkaar verbonden zijn voor efficiëntere gegevensverwerking.

Innovaties en technologie in verkeershandhaving
De technologie achter verkeershandhaving is de afgelopen jaren aanzienlijk verbeterd. Moderne systemen kunnen meer dan alleen snelheidsovertredingen registreren. Ze zijn in staat om voertuigen te identificeren op basis van kentekenplaten, rijrichting en zelfs het type voertuig. Dit biedt mogelijkheden voor gerichtere handhaving en betere gegevensverzameling.
Een interessante ontwikkeling is het gebruik van slimme camera’s die meerdere overtredingen kunnen vastleggen. Deze camera’s kunnen bijvoorbeeld niet alleen snelheid registreren, maar ook controleren of bestuurders hun gordel om hebben of hun mobiele telefoon gebruiken tijdens het rijden. Dit verhoogt de effectiviteit van verkeershandhaving aanzienlijk en kan bijdragen aan het verhogen van de verkeersveiligheid.
Daarnaast zijn er systemen in ontwikkeling die kunnen communiceren met voertuigen en infrastructuur. Dit kan leiden tot een nog geavanceerder netwerk van verkeershandhaving, waar realtime informatie-uitwisseling mogelijk is. Hierdoor kan de handhaving nog dynamischer en effectiever worden, met minder belasting voor de weggebruikers en de samenleving.
Conclusie en toekomstperspectief
Het is duidelijk dat Nederland veel gaat investeren in geautomatiseerde verkeershandhaving. Ondanks deze aanzienlijke uitbreiding lijkt het onwaarschijnlijk dat Nederland snel de koppositie in Europa zal innemen. De aantallen flitspunten verschillen per land en zijn niet altijd op dezelfde manier geregistreerd, wat directe vergelijkingen moeilijk maakt.
Toch is het streven van Nederland naar meer flitspalen een stap in de goede richting voor veiliger verkeer. Door het inzetten van meer geautomatiseerde systemen, kan de politie haar aandacht richten op situaties waarin hun directe aanwezigheid meerwaarde biedt. Het blijft echter belangrijk om te blijven innoveren en te leren van de praktijken in andere landen. Zo kan Nederland in de toekomst een nog effectiever en betrouwbaarder handhaafnetwerk opzetten en bijdragen aan een veiliger en efficiënter verkeer voor iedereen.
BRON: topgear.nl
