Een extra klusje doen naast je vaste baan lijkt vaak onschuldig. Even helpen bij een verhuizing, een tuin opknappen of oppassen voor geld. Zeker als het om een paar uurtjes gaat, denken veel mensen dat dit geen kwaad kan. Toch kan bijverdienen zonder dit op te geven bij de Belastingdienst grote gevolgen hebben.

In 2026 gelden hier nog steeds strenge regels voor. Wie zich daar niet aan houdt, loopt risico op boetes en andere problemen.
Zwart bijverdienen klinkt voor sommigen aantrekkelijk. Je krijgt direct geld in handen en hoeft er geen belasting over te betalen. Maar juridisch gezien mag dat niet. Elk inkomen dat je ontvangt, moet worden opgegeven.
Doe je dat niet, dan wordt het gezien als zwart geld. Dat geldt ook als het om kleine bedragen gaat of om werk dat je maar af en toe doet. Maar er zijn situaties waarin je wel gewoon mag ‘bijverdienen’.
Wat wordt gezien als zwart bijverdienen
Zodra je geld ontvangt voor werk en dit niet opgeeft in je belastingaangifte, spreek je officieel van zwart werken. Vaak gaat het om contant geld, maar ook betalingen via betaalapps of bankoverschrijvingen kunnen hieronder vallen als ze niet worden gemeld.
Veel mensen denken dat zwart werken pas begint bij grote bedragen. Dat is niet zo. Er bestaat geen grens waaronder zwart bijverdienen wel zou zijn toegestaan. Elke euro die je verdient met werk, hoort in principe bij je inkomen en moet worden aangegeven.
Het idee dat je een klein bedrag kunt bijverdienen zonder gevolgen, is hardnekkig. Toch klopt dit niet. De Belastingdienst kijkt niet alleen naar het bedrag, maar vooral naar het feit dat inkomsten worden verzwegen.
Waarom zwart werken niet is toegestaan
In Nederland geldt een progressief belastingstelsel. Dat betekent dat je meer belasting betaalt naarmate je inkomen hoger is. In 2026 betaal je inkomstenbelasting in verschillende schijven. Voor inkomens tot 38.883 euro geldt een tarief van 35,75 procent. Verdien je meer, dan loopt dat percentage verder op.
Juist omdat het systeem zo is ingericht, is zwart werken niet toegestaan. Iedereen moet naar draagkracht bijdragen. Door inkomsten niet op te geven, ontduik je belasting. Dat wordt door de wet gezien als een strafbaar feit.
Het is wel begrijpelijk dat sommige mensen hiermee worstelen. De belastingdruk voelt voor veel werkenden hoog, zeker als je naast je vaste baan extra uren maakt. Toch verandert dat niets aan de regels.
Heffingskortingen zorgen voor verwarring
Sommige mensen denken dat ze geen belasting hoeven te betalen omdat ze onder een bepaald inkomen blijven. Dat idee ontstaat vaak door heffingskortingen. Door deze kortingen kan het inderdaad zo zijn dat je onder de streep weinig of zelfs geen belasting betaalt.
Dat betekent echter niet dat je inkomsten niet hoeft op te geven. Je moet altijd aangeven wat je verdient. Pas daarna wordt berekend of je belasting moet betalen of dat heffingskortingen dit compenseren. Niet opgeven blijft altijd fout, ook als je uiteindelijk niets hoeft te betalen.

Wanneer mag je wel bijverdienen
Bijverdienen op zichzelf is toegestaan. Het probleem zit niet in het extra geld verdienen, maar in het niet melden daarvan. Zodra je inkomsten opgeeft bij de Belastingdienst, is er niets aan de hand.
Er zijn wel situaties waarin geld dat je ontvangt niet wordt gezien als belastbaar inkomen. Dat zorgt vaak voor verwarring. Een bekend voorbeeld is het verkopen van tweedehands spullen. Als je af en toe kleding verkoopt via platforms zoals Vinted en onder een bepaald bedrag blijft, hoef je dit niet op te geven.
In 2026 geldt dat je tot 2.000 euro per jaar aan incidentele verkoop van privéspullen niet hoeft te melden. Dit geldt ook voor verkoop via Marktplaats, Facebook of eBay. De voorwaarde is wel dat het gaat om spullen die je al had en niet speciaal hebt gekocht om winst te maken.
Wanneer verkoop toch inkomsten wordt
Het verschil zit vooral in de bedoeling en de regelmaat. Verkoop je af en toe iets uit je kast, dan ziet de Belastingdienst dit als privéverkoop. Koop je regelmatig spullen in om ze later met winst door te verkopen, dan is er sprake van inkomsten uit werk.
In dat geval moet je de opbrengsten wel opgeven. Dat geldt ook als je dit naast je vaste baan doet en het maar om een paar uur per week gaat. De Belastingdienst kijkt naar het totaalplaatje, niet alleen naar losse bedragen.
Waarom zwart werk lastig te controleren is
Zwart werk is voor de Belastingdienst lastig te controleren. Veel betalingen gebeuren contant en laten geen sporen na. Daardoor lijkt het risico soms klein. Toch betekent dat niet dat je veilig bent.
Controles kunnen ook achteraf plaatsvinden. Bijvoorbeeld als iemand een melding doet, of als inkomsten niet in verhouding lijken te staan tot je levensstijl. Ook banken en instanties delen steeds vaker gegevens.
Daarnaast kijkt de Belastingdienst niet alleen naar geldstromen, maar ook naar patronen. Regelmatige betalingen of opvallende stortingen kunnen vragen oproepen.
De fiscale risico’s van zwart werken
Het grootste risico van zwart werken is een boete. Als de Belastingdienst ontdekt dat je inkomsten hebt verzwegen, kan er sprake zijn van belastingontduiking. De boete kan oplopen tot 50 procent van de belasting die je had moeten betalen.
Daar komt vaak nog bij dat je alsnog belasting moet betalen over het verzwegen inkomen. Het bedrag dat je dacht te besparen, kan daardoor juist een grote kostenpost worden.
Daarnaast kan de Belastingdienst meerdere jaren teruggaan. Als je langere tijd zwart hebt bijverdiend, kan de naheffing flink oplopen.
Geen verzekering tijdens zwart werk
Een ander groot risico is dat je niet verzekerd bent tijdens zwart werk. Officieel bestaat het werk niet. Daardoor kun je bij een ongeluk meestal geen beroep doen op verzekeringen.
Raak je gewond tijdens het uitvoeren van een klus, dan draai je vaak zelf op voor de kosten. Zorgverzekeraars en aansprakelijkheidsverzekeringen erkennen zwart werk meestal niet.
Ook als je schade veroorzaakt bij een opdrachtgever, kan dit grote gevolgen hebben. Reparatiekosten of vervanging van spullen komen dan voor je eigen rekening.
Problemen met aansprakelijkheid
Bij legaal werk is meestal duidelijk wie waarvoor aansprakelijk is. Bij zwart werk ontbreekt die duidelijkheid. Ontstaat er schade of een conflict, dan sta je juridisch zwak.
De opdrachtgever kan zich beroepen op het feit dat er geen officiële afspraak was. Jij kunt op je beurt geen beroep doen op wettelijke bescherming. Dit maakt zwart werken extra risicovol.
Geen sociale zekerheid
Zwart werken levert ook geen sociale zekerheden op. Je bouwt geen pensioen op over deze inkomsten. Ook heb je geen recht op vakantiegeld, doorbetaling bij ziekte of andere werknemersrechten.
Word je ziek of raak je arbeidsongeschikt door zwart werk, dan heb je geen vangnet. Dat kan grote gevolgen hebben, vooral als je afhankelijk bent van je inkomen.
Doorwerken na pensioen
Ook na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd gelden dezelfde regels. Je mag bijverdienen, maar ook dan moet je inkomsten opgeven en belasting betalen.
Sommige mensen denken dat bijverdienen na pensioen automatisch belastingvrij is. Dat klopt niet. Ook dan geldt dat elke vorm van inkomen moet worden aangegeven.
Waarom legaal bijverdienen vaak beter is
Hoewel zwart werken op korte termijn aantrekkelijk kan lijken, is legaal bijverdienen vaak verstandiger. Je weet waar je aan toe bent, bent verzekerd en voorkomt stress achteraf.
In veel gevallen valt de belastingdruk mee door heffingskortingen en aftrekposten. Zeker bij kleinere bijverdiensten is het netto verschil vaak kleiner dan gedacht.
Daarnaast geeft legaal werken rust. Je hoeft je geen zorgen te maken over controles, boetes of onverwachte problemen.
Bewust kiezen voorkomt problemen
In 2026 blijven de regels rondom zwart bijverdienen duidelijk en streng. Elk inkomen moet worden opgegeven. Wie dat niet doet, loopt risico op boetes, verzekeringsproblemen en het verlies van sociale zekerheid.
Een incidenteel klusje lijkt misschien onschuldig, maar de gevolgen kunnen groot zijn. Door bewust te kiezen voor legaal bijverdienen, voorkom je veel gedoe en onzekerheid.
Extra geld verdienen mag, zolang je het netjes regelt. Dat geeft uiteindelijk meer zekerheid dan snel verdiend zwart geld ooit kan bieden.
Bron: Geldzaken
