Er is goed nieuws voor mensen die AOW ontvangen. Vanaf 1 juli 2026 gaat de AOW opnieuw omhoog. De verhoging hangt samen met de stijging van het minimumloon. Omdat de AOW daaraan is gekoppeld, verandert het bedrag twee keer per jaar.
Voor veel ouderen is zo’n verhoging belangrijk. De kosten voor boodschappen, huur, energie en zorg blijven hoog. Dan kan een paar tientjes per maand toch verschil maken. Het is misschien geen enorme stijging, maar het geeft wel iets meer ruimte.
De nieuwe bedragen worden ieder halfjaar vastgesteld door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Dat gebeurt meestal op 1 januari en 1 juli. Op die momenten worden ook andere uitkeringen aangepast. Zo blijven de bedragen beter aansluiten bij de lonen.
De AOW stijgt deze keer iets minder hard dan het minimumloon. Toch merken AOW’ers de verhoging wel op hun rekening. Het precieze bedrag hangt af van je situatie. Alleenstaanden krijgen een ander bedrag dan mensen die getrouwd zijn of samenwonen.
Ook maakt het uit of je loonheffingskorting toepast op je AOW. Die korting zorgt ervoor dat je netto meer overhoudt. Pas je de korting niet toe, dan valt je maandbedrag lager uit. Daarom is het goed om te weten welke bedragen voor jou gelden.
Nieuwe bedragen voor alleenstaanden
Ben je alleenstaand en ontvang je AOW? Dan krijg je vanaf juli 2026 ongeveer twintig euro netto per maand extra. Dat bedrag lijkt misschien klein, maar op jaarbasis loopt het toch op. Zeker als je alleen alle vaste lasten moet betalen, is elke verhoging welkom.
Het bruto maandbedrag voor alleenstaanden stijgt van € 1.637,57 naar € 1.662,16. Bruto betekent dat er nog belasting en premies vanaf kunnen gaan. Het bedrag dat uiteindelijk op je rekening komt, is dus lager. Dat noemen we het nettobedrag.
Met loonheffingskorting ontvang je straks netto € 1.581,55 per maand. Dat is het bedrag dat veel alleenstaande AOW’ers daadwerkelijk krijgen. De loonheffingskorting wordt meestal toegepast op het inkomen waar je het meeste voordeel uit haalt.
Gebruik je geen loonheffingskorting op je AOW? Dan is het nettobedrag lager. In dat geval ontvang je € 1.285,22 per maand. Dat kan bijvoorbeeld zo zijn als je de korting al toepast op een ander inkomen. Denk aan pensioen naast je AOW.
Het is belangrijk om goed te controleren waar je loonheffingskorting wordt toegepast. Je mag die korting maar bij één inkomen tegelijk gebruiken. Doe je dat bij meerdere inkomens, dan kun je later moeten terugbetalen. Twijfel je, dan kun je dit nakijken bij de SVB of de Belastingdienst.
Voor alleenstaanden betekent de verhoging dus iets meer financiële ruimte. Toch blijft het verschil beperkt. Wie afhankelijk is van alleen AOW, zal nog steeds goed moeten opletten met uitgaven. Maar elke maand twintig euro extra kan net helpen bij vaste lasten.
Nieuwe bedragen voor gehuwden en samenwonenden
Ook gehuwden en samenwonenden krijgen vanaf juli 2026 meer AOW. Voor hen gaat het bedrag met ongeveer vijftien euro netto per persoon omhoog. Omdat beide partners vaak AOW ontvangen, kan het gezamenlijke verschil hoger uitvallen. Samen merk je de stijging dus beter.
Het bruto bedrag per persoon stijgt naar € 1.139,39 per maand. Voorheen was dat € 1.122,12. Ook hier geldt dat het brutobedrag niet hetzelfde is als wat je ontvangt. Er worden nog belastingen en premies verrekend.
Met loonheffingskorting komt het nieuwe nettobedrag uit op € 1.084,13 per persoon. Als beide partners recht hebben op AOW en dezelfde situatie hebben, komt dat samen uit op € 2.168,26 netto per maand. Dat kan voor sommige huishoudens een fijne verbetering zijn.
Zonder loonheffingskorting bedraagt het nettobedrag € 880,96 per persoon. Dat is een flink verschil met het bedrag mét korting. Daarom is het belangrijk om goed te kijken welke keuze in jouw situatie verstandig is. Vooral als je ook aanvullend pensioen hebt, kan dit uitmaken.
Gehuwden en samenwonenden krijgen per persoon minder AOW dan alleenstaanden. Dat komt doordat zij bepaalde kosten kunnen delen. Denk aan huur, energie en boodschappen. De overheid gaat er daarom vanuit dat samenwonenden lagere kosten per persoon hebben.
Toch betekent samenwonen niet automatisch dat alles goedkoop is. Ook koppels merken dat vaste lasten stijgen. Daarom is de verhoging ook voor hen welkom. De extra vijftien euro per persoon kan bijvoorbeeld helpen bij boodschappen of zorgkosten.
Waarom het vakantiegeld iets lager kan zijn
Opvallend genoeg stijgt niet alles mee. Het vakantiegeld bij de AOW kan juist iets lager uitvallen. Dat klinkt vreemd, omdat de maandelijkse AOW omhooggaat. Toch is daar een verklaring voor. Het heeft te maken met de manier waarop het vakantiegeld wordt berekend.
Bij veel werknemers is vakantiegeld meestal acht procent van het jaarloon. Bij de AOW werkt dat anders. Daar gaat het om een vast bedrag dat je per maand opbouwt. Dat bedrag wordt vervolgens in mei uitbetaald. De meeste AOW’ers hebben dat vakantiegeld inmiddels al ontvangen.
Voor alleenstaanden daalt het bruto opgebouwde vakantiegeld per maand licht. Het gaat van € 106,55 naar € 104,78. Dat is geen grote daling, maar het valt wel op. Vooral omdat je misschien juist een stijging verwacht door de hogere AOW.
De oorzaak ligt bij de inkomensafhankelijke algemene heffingskorting. In 2026 ligt de grens hiervoor op een jaarinkomen van € 29.736. Omdat de AOW stijgt, komt een groter deel van je inkomen boven die grens uit. Daardoor krijg je iets minder heffingskorting.
Dat effect zie je terug in het bedrag dat maandelijks voor vakantiegeld wordt opgebouwd. Je maandelijkse AOW stijgt dus wel, maar het vakantiegeldpotje kan iets kleiner worden. Dat kan verwarrend zijn, maar het komt door de belastingregels.
Voor veel mensen zal het verschil in vakantiegeld beperkt blijven. Toch is het handig om dit te weten. Dan schrik je niet als het bedrag lager lijkt dan verwacht. Vooral wanneer je je vakantiegeld gebruikt voor vaste kosten, is het goed om hiermee rekening te houden.
Wanneer ontvang je de hogere AOW?
De eerste verhoogde AOW wordt niet meteen op 1 juli gestort. De Sociale Verzekeringsbank betaalt de AOW later in de maand uit. De eerste betaling met het nieuwe bedrag staat gepland voor donderdag 23 juli 2026. Vanaf dat moment zie je de verhoging op je rekening.
Het bedrag dat je ontvangt, hangt af van je persoonlijke situatie. Ben je alleenstaand, getrouwd of samenwonend? Pas je loonheffingskorting toe of niet? Heb je misschien ook aanvullend pensioen? Al die zaken kunnen invloed hebben op wat je netto overhoudt.
Daarom is het verstandig om je eigen gegevens te controleren. Op de website of in de omgeving van de SVB kun je meestal zien welk bedrag voor jou klaarstaat. Ook kun je daar controleren of je loonheffingskorting goed staat ingesteld. Dat voorkomt verrassingen achteraf.
Voor AOW’ers is de verhoging vanaf juli 2026 vooral een kleine meevaller. Alleenstaanden krijgen ongeveer twintig euro netto per maand extra. Gehuwden en samenwonenden krijgen ongeveer vijftien euro per persoon extra. Het zijn geen grote bedragen, maar in dure tijden telt elke euro mee.
Wie afhankelijk is van AOW, merkt vaak snel wanneer prijzen stijgen. Een extra bedrag per maand kan dan net wat lucht geven. Denk aan boodschappen, medicijnen, vervoer of energiekosten. De verhoging lost niet alles op, maar helpt wel een beetje.
Vanaf 23 juli 2026 wordt duidelijk wat de nieuwe AOW voor jouw bankrekening betekent. Voor veel ouderen zal het vooral prettig zijn dat het bedrag weer iets omhooggaat. Tegelijk blijft het belangrijk om goed naar de netto bedragen te kijken. Uiteindelijk telt vooral wat je echt ontvangt.
Bron: Margriet



