Veel mensen in Nederland hebben recht op bijstand, maar krijgen die niet altijd. Dat komt omdat het systeem ingewikkeld is. Regelingen zijn verspreid en aanvragen kosten vaak veel tijd en moeite. Hierdoor haken mensen af of weten ze niet waar ze recht op hebben.

Juist daarom werkte de overheid aan een plan om dit makkelijker te maken. Het idee was om mensen actief te helpen bij het vinden van financiële steun. In plaats van zelf zoeken, zou de overheid mensen benaderen.
Toch is er nu iets veranderd. Het kabinet heeft besloten om de bijstand niet mee te nemen in dit plan. Dit zorgt voor zorgen, omdat juist kwetsbare mensen hierdoor mogelijk hulp mislopen.
Minder hulp terwijl het systeem al lastig is
De nieuwe wet, de Wet proactieve dienstverlening, moest het systeem eenvoudiger maken. Overheidsinstanties zouden gegevens mogen delen om te zien wie recht heeft op ondersteuning.
Op die manier zou de overheid zelf contact opnemen met mensen. Dit zou ervoor zorgen dat minder mensen hulp mislopen. Het aanvragen van steun zou minder ingewikkeld worden.
Dat is hard nodig, want het huidige systeem is voor veel mensen moeilijk te begrijpen. Veel regels zijn onduidelijk en procedures kosten energie. Vooral mensen in een kwetsbare situatie hebben daar moeite mee.
Uit cijfers blijkt dat een grote groep mensen geen bijstand ontvangt terwijl ze er wel recht op hebben. In 2021 ging het om ongeveer 170.000 huishoudens. Dat laat zien dat het probleem al langer speelt.
Bijstand valt buiten het plan
Ondanks het doel van de wet heeft het kabinet een andere keuze gemaakt. De bijstand wordt niet opgenomen in de nieuwe regeling. Dit betekent dat juist deze belangrijke vorm van hulp buiten het plan blijft.
De reden voor deze beslissing is vooral financieel. Door de bijstand buiten de wet te houden, kan de overheid geld besparen. Het gaat om miljoenen euro’s die nodig zijn voor de begroting.

Op papier blijft de wet bestaan, maar een belangrijk onderdeel ontbreekt. Gemeenten mogen wel gegevens delen, maar krijgen geen extra budget. Daardoor kunnen ze mensen minder goed begeleiden naar een uitkering.
Dit zorgt voor een gat tussen beleid en praktijk. De bedoeling is om mensen te helpen, maar zonder middelen wordt dat lastig. Hierdoor blijft het risico bestaan dat mensen geen hulp krijgen.
Zorgen bij gemeenten en hulpverleners
De beslissing van het kabinet kwam voor veel gemeenten onverwacht. Zij hoopten juist op betere mogelijkheden om inwoners te ondersteunen. Vooral mensen met weinig inkomen zouden hiervan profiteren.
Zonder extra hulp blijft het systeem ingewikkeld voor veel mensen. Gemeenten vrezen dat inwoners hierdoor tussen wal en schip vallen. Dat betekent dat ze nergens terechtkomen voor ondersteuning.
Ook schuldhulpverleners maken zich zorgen. Zij zien dagelijks wat er gebeurt als mensen geen stabiel inkomen hebben. Problemen kunnen zich snel opstapelen als er geen financiële basis is.
Wanneer mensen niet weten dat ze recht hebben op bijstand, zoeken ze vaak geen hulp. Hierdoor kunnen schulden ontstaan of verergeren. Dat maakt de situatie uiteindelijk moeilijker op te lossen.

Wat dit betekent voor de toekomst
De timing van deze beslissing is opvallend. Er zijn namelijk plannen die de financiële druk voor sommige groepen vergroten. Denk aan veranderingen in uitkeringen en een kortere duur van de WW.
Hierdoor kan de behoefte aan ondersteuning juist toenemen. Meer mensen kunnen afhankelijk worden van bijstand of andere regelingen. Juist dan is goede begeleiding extra belangrijk.
Als de bijstand buiten het plan blijft, kan dit grote gevolgen hebben. Mensen die hulp nodig hebben, worden mogelijk niet bereikt. Dat vergroot de kans op financiële problemen.
De Tweede Kamer bespreekt het wetsvoorstel in april. Het is nog niet zeker of er aanpassingen komen. Mogelijk wordt de bijstand alsnog toegevoegd.
Tot die tijd blijft de situatie onzeker. Wat wel duidelijk is, is dat veel mensen afhankelijk zijn van goede ondersteuning. Zonder duidelijke hulp blijven zij mogelijk onzichtbaar in het systeem.
