Er zijn van die momenten waarop je je realiseert dat de wereld écht aan het veranderen is. Dat besef kwam bij mij deze week, toen mijn baas aankondigde dat er geen paaseieren meer gekocht mogen worden voor op kantoor.
“Ze zijn te duur geworden,” was zijn verklaring. Ik dacht eerst dat het een grap was. Echt, ik wachtte op het moment dat hij zou lachen en zou zeggen: “Grapje, natuurlijk kopen we nog paaseieren, we zijn geen monsters!” Maar nee. Hij keek serieus. Een grote zak paaseitjes was van €4,99 naar €7,99 gegaan, en een stijging van drie euro was blijkbaar de druppel.
We werken in een bedrijf waar de printer continu A4’tjes uitspuugt alsof het Monopoly-geld is, waar de airco het hele jaar door draait, waar vergaderingen worden gehouden over vergaderingen. Maar een zak paaseitjes? Onbetaalbaar.
“Als je paaseieren wil eten, moet je ze zelf meenemen,” voegde mijn baas er nog aan toe.
Ik weet niet wat het was – misschien de manier waarop hij het zei, misschien de absurde realiteit van het moment – maar ik voelde een diepe teleurstelling. Niet eens per se over die paaseieren zelf (oké, misschien een beetje), maar over het principe. Wat is er nou een paar zakken paaseitjes op kantoor? Het was iets kleins, iets gezelligs. Een momentje van vreugde in een dag vol deadlines en overvolle inboxen.
Nu moeten we dus onze eigen paaseitjes meenemen. Dus straks zit ik daar, met mijn eigen meegenomen zakje, terwijl collega’s jaloers toekijken omdat ze hun chocolade niet hebben ingepakt die ochtend. Of erger: straks gaan mensen ze stiekem jatten uit mijn lade. Je weet hoe het gaat op kantoor.
En het ergste? Dit voelt als het begin van iets groters. Vandaag zijn het de paaseitjes. Morgen de kerstkransjes. Volgend jaar de gratis koffie? Waar houdt dit op? Gaan we binnenkort entree betalen om het kantoor binnen te mogen?
Misschien overdrijf ik. Misschien is het niet zo’n big deal. Maar als ik straks mijn eigen dure paaseitjes moet eten, terwijl ik weet dat er ooit een tijd was waarin we ze gewoon gratis kregen, dan voelt het toch alsof we iets belangrijks zijn kwijtgeraakt.
En dat doet misschien nog wel meer pijn dan die prijsstijging van drie euro.