Sommige werknemers in Nederland hebben recht op een gratis vrije dag wanneer het weer extreem wordt. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren bij zware sneeuwval, gladheid of een erg lage gevoelstemperatuur. In sommige cao’s staat zelfs een concrete grens genoemd, zoals een gevoelstemperatuur van min zes graden.

Aan die voorwaarde wordt vandaag in een groot deel van het land al voldaan. Vooral mensen die buiten werken, kunnen daardoor soms noodgedwongen thuisblijven. Voor hen betekent dat letterlijk een dag met een dekentje bij de verwarming, terwijl anderen gewoon moeten doorwerken.
In de jaren na corona is het verschil tussen kantoorbanen en fysieke beroepen duidelijker geworden. Mensen met een kantoorbaan hebben er vaak flexibiliteit bij gekregen. Thuiswerken is voor veel van hen normaal geworden, al proberen sommige werkgevers dat langzaam weer terug te draaien.
Voor mensen met een fysiek beroep ligt dat anders. Zij moeten vaak op locatie aanwezig zijn en kunnen hun werk niet achter een scherm doen. Juist nu het weer weer ouderwets winters en guur is, pakt dat verschil soms positief uit voor deze groep. In bepaalde situaties mogen zij namelijk stoppen met werken, terwijl mensen met een laptop simpelweg thuis verdergaan.

Weersomstandigheden waarbij je niet hoeft te werken
In Nederland bestaan geen vaste wetten die exact aangeven bij welk weer je automatisch vrij krijgt. Er staat nergens dat je bij sneeuw, vorst of storm niet hoeft te werken. De belangrijkste regel is dat werk veilig moet kunnen worden uitgevoerd. Dat geldt voor elk beroep en elke situatie. Als werken door het weer onveilig wordt, dan moet je samen met je werkgever kijken naar een oplossing. Dat kan betekenen dat het werk tijdelijk wordt stilgelegd, dat er vervangend werk wordt aangeboden of dat je een vrije dag krijgt.
De meest gunstige oplossing voor jou als werknemer is een vrije dag waarbij je loon gewoon wordt doorbetaald. Dat gebeurt in de praktijk ook regelmatig, vooral in sectoren waar buitenwerken centraal staat. Toch is dit niet altijd vanzelfsprekend. Sommige werkgevers willen dat je het werk later inhaalt of dat je een vakantiedag opneemt. Andere werkgevers bieden alternatief werk aan, bijvoorbeeld binnen of op een andere locatie. Wat er gebeurt, hangt vaak af van de afspraken in je cao en van het overleg tussen jou en je werkgever.
Wettelijk gezien zijn er dus geen vaste weersgrenzen die voor iedereen gelden. Alleen als de weersomstandigheden jouw werk gevaarlijk maken, sta je sterker. In dat geval mag je het werk neerleggen met een beroep op de Arbowet. Die wet verplicht werkgevers om te zorgen voor veilige en gezonde werkomstandigheden. Als dat door kou, gladheid of sneeuw niet meer mogelijk is, mag van jou niet worden verwacht dat je toch doorwerkt. Wel is het belangrijk dat je dit altijd bespreekt en niet zomaar zelf beslist om weg te blijven.

Deze cao’s geven een vrije dag met winters weer in Nederland
Hoewel de wet geen harde regels geeft, zijn er in veel cao’s wel duidelijke afspraken gemaakt over werken bij extreem weer. Dat geldt vooral voor beroepen waarbij buitenwerken de norm is. Denk aan bouwvakkers, hoveniers, dakdekkers en wegwerkers. In deze sectoren is het risico bij slecht weer groot, bijvoorbeeld door gladde oppervlakken, harde wind of bevroren materialen. Daarom zijn hierover afspraken vastgelegd om werknemers te beschermen.
In de bouwsector zijn deze afspraken vrij concreet. Volgens de richtlijnen die in de cao en via vakbonden zijn vastgelegd, hoef je onder bepaalde omstandigheden niet te werken. Een belangrijke voorwaarde is de gevoelstemperatuur. Als het KNMI aangeeft dat de gevoelstemperatuur op jouw werklocatie min zes graden of lager is, mag het werk worden stilgelegd. Het gaat hierbij niet alleen om de daadwerkelijke temperatuur, maar om hoe koud het aanvoelt door wind en vocht.
Daarnaast spelen de omstandigheden op de werkplek een grote rol. Als rijwegen of looppaden op de bouwplaats door ijs of sneeuw niet veilig begaanbaar zijn, mag je niet doorwerken. Ook een sneeuwdek dat niet eenvoudig te verwijderen is, kan een reden zijn om het werk stil te leggen. Verder geldt dat je werkgever verplicht is om passende winter- of doorwerkkleding te regelen. Als die ontbreekt en het vriest, kan dat ook een geldige reden zijn om te stoppen. Tot slot moet een werkgever kijken of er passend vervangend werk mogelijk is. Is dat er niet, dan blijft thuisblijven soms de enige optie.

Gevoelstemperatuur van -6 in de helft van Nederland
Vandaag, op maandag 5 januari, wordt in grote delen van Nederland al aan deze voorwaarden voldaan. Vooral in het noordoosten, oosten en zuidoosten zakt de gevoelstemperatuur onder de min zes graden. In sommige gebieden, zoals Oost-Groningen, voelt het zelfs aan als min negen. Dat betekent dat veel buitenwerkers in deze regio’s officieel onder de winterregeling vallen. Voor hen kan dat dus betekenen dat ze niet hoeven te werken.
Voor bouwvakkers geldt dat de werkgever de eerste twee dagen het loon volledig doorbetaalt wanneer het werk door vorst wordt stilgelegd. Daarna kan de zogenoemde Vorst-WW ingaan. In dat geval neemt de overheid een deel van de loonkosten over en krijg je meestal zeventig procent van je loon uitbetaald. In sommige cao’s is afgesproken dat de werkgever dit aanvult tot honderd procent, zodat je geen inkomen verliest. Vaak duurt deze situatie niet lang, omdat het weer in Nederland snel kan omslaan.
Het is goed om te beseffen dat deze regelingen per sector en per cao verschillen. Wat voor de bouw geldt, hoeft niet automatisch te gelden voor hoveniers of wegwerkers. Ook binnen dezelfde sector kunnen er verschillen zijn tussen bedrijven. Daarom is het belangrijk om niet alleen naar het weerbericht te kijken, maar ook naar de afspraken die voor jouw werk gelden. Zo voorkom je misverstanden en weet je waar je recht op hebt.
Controleer daarom altijd je eigen cao en bespreek bij twijfel de situatie met je werkgever. Extreme kou kan vervelend zijn, maar veiligheid staat voorop. Als werken niet verantwoord is, mag je dat aankaarten. Zo weet je zeker dat je niet onnodig risico loopt en dat je krijgt waar je recht op hebt.
Bron: manners
