Huishoudens met een koopwoning worden volgend jaar opnieuw geconfronteerd met hogere gemeentelijke woonlasten. Gemiddeld stijgen deze lasten met 3,9 procent, waarmee een symbolische grens wordt doorbroken. Voor het eerst komt het gemiddelde bedrag boven de duizend euro per huishouden uit. Dat betekent een nieuwe realiteit voor huiseigenaren, die al langere tijd te maken hebben met oplopende vaste kosten rondom hun koopwoning en andere structurele lasten.

De gecombineerde aanslag voor onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing bedraagt in 2026 gemiddeld 1001 euro per huishouden. Die grens werd eerder nog niet bereikt door eigenaren van koopwoningen.
De cijfers komen voort uit een jaarlijkse steekproef van Vereniging Eigen Huis onder 106 gemeenten. Dat aantal vertegenwoordigt ongeveer een derde van alle gemeenten in Nederland en geeft volgens de organisatie een betrouwbaar landelijk beeld.
Grote verschillen tussen gemeenten zichtbaar
Hoewel de gemiddelde stijging relatief gematigd oogt, laten meerdere gemeenten forse uitschieters zien. In plaatsen als Alphen aan de Rijn, Voorst, Rozendaal, Heemskerk en Maasgouw lopen de lasten op met 10 tot 18 procent.
Voor huishoudens in deze gemeenten betekent dat een extra kostenpost tussen de 98 en 189 euro vergeleken met dit jaar. Daarmee wordt duidelijk dat woonlasten sterk afhankelijk blijven van lokale keuzes.
OZB belangrijkste aanjager van stijging
De onroerendezaakbelasting blijkt opnieuw de grootste motor achter de stijgende woonlasten. Gemiddeld stijgt de OZB met 4,6 procent, terwijl de landelijke WOZ-waarde oploopt naar ruim 415.000 euro.

In een derde van de gemeenten ligt de stijging boven het gemiddelde. Alphen aan de Rijn springt eruit met bijna 40 procent verhoging, ruim 130 euro meer dan in 2025. In Rozendaal loopt de OZB zelfs op tot 885 euro.
Afval- en rioolheffing stijgen minder hard
De kosten voor afvalstoffen- en rioolheffing nemen in 2026 minder sterk toe dan het jaar ervoor. Gemiddeld stijgen deze heffingen met respectievelijk 3,7 en 3,6 procent. In 2025 lagen deze percentages nog duidelijk hoger.
Wettelijk mogen deze tarieven niet meer dan kostendekkend zijn. Gemeenten gebruiken deze inkomsten uitsluitend voor de betreffende voorzieningen en niet voor andere begrotingsdoelen.
Gemeenten houden rekening met financieel ravijn
Volgens Vereniging Eigen Huis bereiden gemeenten zich ondertussen voor op een verwacht financieel tekort vanaf 2028. Dat zogenoemde ravijnjaar zorgt nu al voor voorzichtig beleid en hogere inkomsten uit lokale belastingen.
In reacties op de peiling noemen gemeenten onder meer begrotingsdruk, bezuinigingen en noodzakelijke kostendekkendheid. Ook landelijke media, waaronder Metro, wijzen op bredere financiële veranderingen die huishoudens volgend jaar raken.

Oproep aan nieuw kabinet
Cindy Kremer, Algemeen Directeur van Vereniging Eigen Huis: „Wij zien een zorgelijke ontwikkeling van gemeentelijke lasten de komende jaren en roepen het nieuwe kabinet op met een structurele oplossing te komen.
Ten eerste door voldoende geld beschikbaar te stellen voor gemeenten, zodat zij wettelijke taken zoals bijvoorbeeld jeugdzorg goed kunnen uitvoeren zonder verdere OZB-explosie. Huiseigenaren mogen niet de sluitpost zijn van gemeentelijke begrotingen.” De organisatie benadrukt dat gemeenten cijfers nog kunnen aanpassen.
